Leren waar het echt om gaat
Goed onderwijs - en zeker ook inclusief onderwijs - vraagt om docenten die willen professionaliseren. Docenten Jimmy van der Meer en Jetske de Haan-Koers zetten een stap vooruit door een master te volgen. In dit artikel vertellen ze over vakmanschap en inclusie. Wat betekent professionalisering voor hun vakmanschap en wat voor invloed heeft dat op hun aandacht voor relatie, pedagogiek en inclusie?
Jimmy is docent consumptieve techniek aan VSO De Twijn in Zwolle. Tijdens zijn werkzaamheden als kok begeleidde hij stagiaires die uitvielen. Deze ervaringen waren aanleiding voor een opleiding tot docent consumptieve techniek. Hij volgt de master Pedagogiek vanuit ecologisch perspectief (HU). De focus ligt op ‘diversiteit en inclusie’ en wat dat betekent voor zijn dagelijks werk.
Jetske werkt als docent Nederlands op het VIA (vmbo basis/kader) in Kampen. Ze rondde onlangs een master Educational Needs af, met taalexpert als specialisatie.
Vakmanschap en blijvend leren
Jetske vertelt: “Toen ik begon met werken, koppelde ik vakmanschap aan vakinhoudelijke beheersing. Ik keek op tegen collega’s die hun vak ‘blind’ konden uitvoeren, de routines kenden en overzicht hielden. Inmiddels gaat vakmanschap voor mij over er zijn, zien en luisteren. Dus veel meer over het contact. Mijn werk als docent Nederlands gaat over de betekenis van taal voor het leven, niet over het aanleren van werkwoordspelling of schrijfstijl. Het is aan mij om dat zichtbaar te maken en dat lukt alleen vanuit relatie. Pas als ik erin slaag daadwerkelijk contact te hebben, willen de leerlingen ook samen met me aan de slag met de lesstof.”
Jimmy vult daarop aan: “Mijn vak, koken, is geen doel op zich. De leerlingen doen iets wat ze leuk vinden en wat relevant is voor hun leven. De relatie met leerlingen wordt makkelijker, omdat we samen aan iets werken. Koken is voor mij een middel om mens-zijn te oefenen: samenwerken, falen, herstellen, verantwoordelijkheid nemen. Door mezelf te blijven ontwikkelen, sta ik bewuster en steviger in mijn omgang met leerlingen. Het helpt me er nog beter voor hen te kunnen zijn.”
Je bent je eigen instrument
Goed lesgeven vraagt zelfkennis, zijn de docenten het eens. Als je je eigen triggers, aannames en copingmechanismen niet kent, is het lastiger om een relatie aan te gaan met leerlingen. “Zelfinzicht maakt dat mijn eigen ‘dingetjes’ en onhebbelijkheden me niet in beslag nemen. Het helpt me om met een open blik te kijken naar de leerling en zijn gedrag”, stelt Jimmy. “Reflectie is ontwikkelen van metacognitie: wat deed ik, waarom, wat zag ik bij hen, wat deed het met mij, wat betekent dat voor morgen?” Jimmy en Jetske pleiten naar aanleiding van hun ervaringen in de opleiding dan ook voor structurele intervisie met echte casuïstiek. Oftewel: leren uit dezelfde praktijk waarin wordt ervaren wat lukt en wat schuurt. Intervisie geeft ruimte om perspectieven naast elkaar te leggen, aannames te onderzoeken en taal te vinden voor wat er nog niet zichtbaar was. Je leert je handelen te onderbouwen, zodat je bewuster kiest welke handelingsopties je wel en niet inzet.
Veranderen in de praktijk
Jetske vertelt over veranderkunde. Want ook dat is vakmanschap volgens haar: het gesprek durven aangaan met leerlingen en collega’s over wat je ziet en waar dingen kunnen of moeten veranderen. “Meebewegen met leerlingen of collega’s vraagt om verleiden, verbinden en geduld. De master leerde me verder te kijken dan gedrag dat zichtbaar is: ik herken nu systeempatronen en begrijp waarom een plan op de ene plek landt en elders stokt. Ik zie nu waar in de dagelijkse praktijk haalbare kansen tot verbetering liggen. Soms schuurt het als ik sneller wil dan mijn omgeving. Ik heb geleerd dat de kunst zit in klein beginnen: een onderzoeksgroepje, een gezamenlijk experiment, taal geven aan het waarom, succesjes delen. Belangrijk is vooral ook om aan te haken waar energie zit in plaats van te trekken aan weerstand. Veranderd aansluiten op de praktijk dus.”
Goedemorgen
Wat leerden de twee over inclusie? “Inclusie begint bij al bij het ‘goedemorgen’ bij de deur”, stelt Jetske. “Dat klinkt eenvoudig, maar dit moment - waarop je welkom heet, vraagt naar een wedstrijd, opa of logeerpartij - zorgt ervoor dat leerlingen zich gezien weten. Jongeren ervaren: ik mag er zijn. Dit werkt beschermend en bevordert schoolaanwezigheid. Inclusie is geen beleidsambitie of organisatorisch vraagstuk, maar de dagelijkse, relationele praktijk.” Jimmy vult aan dat vertrouwen groeit door ‘naast’ leerlingen te werken in het praktijklokaal. Het vraagt geduld: soms kost het maanden voordat een leerling vaste patronen, prikkels of angst kan laten zakken. Pas dan komt leren op gang. “Humor en grenzen gaan daarin samen. Humor de-escaleert, creëert lucht en verbindt; duidelijke grenzen beschermen het leerklimaat. Inclusie is dus geen ‘alles mag’; het is warm én normatief. Je bent welkom en juist daarom spreken we je aan, helpen we je kiezen, komen we terug op gedrag en beginnen we morgen opnieuw.”
Randvoorwaarden zijn geen alibi
Als we praten over inclusie, praten we ook over frictie. Het speciaal onderwijs en het vmbo zien de laatste jaren een toenemende instroom van leerlingen die eerder vastliepen. Dat vraagt om samenwerking tussen onderwijssectoren. Denk aan gezamenlijke interventies en overstaproutes tussen po en vo, zorgstructuren die elkaar weten te vinden en plekken waar uitvallende leerlingen - ondersteund door zorg - perspectief op onderwijs houden. Inclusie kan niet zonder personele ruimte, tijd en professionaliteit. Maar, stellen Jetske en Jimmy eenduidig: “De randvoorwaarden of het gebrek daaraan, zijn geen reden om relationeel handelen te vermijden. Elke dag is de vraag: Wat kan ik wél doen? Vaak is dat precies die kleine, gerichte stap die voor één leerling een kantelpunt wordt.”
Jetske en Jimmy formuleren vanuit hun dagelijkse praktijk een concrete oproep aan de lerarenopleidingen. Scan de QR-code (of klik op de link) voor deze oproep in zeven heldere punten.
.png)
.png)
Auteur: Jeanet Vroom - Kasper
Onderwijskundige, MogelijkMaker, verbinder in het belang van jongeren in een kwetsbare positie, redactielid Werken aan inclusie

.png)